Versterker 10: Pentode Balansversterker

Ik begin de praktijk van het project heel bewust met schakeling 10, een gewone balansversterker met pentode eindbuizen. Deze versterker is voor iedereen herkenbaar en daarmee een goed startpunt. De aansluitingen van de draden op de verbindingsborden staan omschreven in het standaardformulier nummer 10; klik hier (form-10.doc) om het te laden. Het overzichtschema staat hieronder, waarbij de twee voedingen van de hoogspanningen Vht1 en Vht2 aan elkaar parallel geschakeld staan en samen V0 en V1 leveren. Klik op het schema om het schema paginavullend te zien.

Omdat dit de eerste versterker is, lijkt het me zinvol om de opstartprocedure door te nemen. Schakel de standby schakelaar op “uit” (geen hoogspanning) en doe de netschakelaar “aan”. De gloeidraden van de buizen moeten nu zichtbaar gaan branden. Meet met een voltmeter of de spanning (ten opzichte van aarde) op de stuurroosters van B2 en B3 maximaal negatief is (ongeveer –70 V). Is dat niet het geval, draai dan eerst P12 en P13 volledig linksom. Zet nu de standby schakelaar op “aan” en meet met de voltmeter de spanning over de kathodeweerstand R17 en over R18. Die spanningen moeten nagenoeg 0 mV zijn. Draai nu de instelpotentiometer P12 rechtsom totdat over R17 een gelijkspanning komt te staan van 0,500 V. Herhaal dit met P13 terwijl over R18 gemeten wordt. De ruststromen van de beide eindbuizen B2 en B3 zijn dan elk gelijk aan 50,0 mA. Voor de zekerheid kan de hoogspanning V0 nog gemeten worden; deze moet ongeveer 370 V zijn. De versterker is nu klaar voor gebruik.
Het karakter van amp-10 is ouderwets warm, dynamisch en luid. Het geluidsbeeld is gemakkelijk en ruimtelijk. Deze versterker is eigenlijk het meest geschikt als gitaarversterker doordat niet alle details hoorbaar zijn. Het milde oversturingsgedrag is uitstekend voor een donkerbruin blues gitaarsound.
De metingen laten interessante details zien. Het –3dB frequentiebereik is ruim voldoende. De laagste volvermogen frequentie ligt bij 14 Hz voordat de grote kern van de uitgangstransformator in verzadiging gaat (ongewoon laag, ik wijs er maar even op). De dempingsfactor is verwaarloosbaar klein en daardoor reageert de versterker plus speaker sterk op de frequentie afhankelijke impedantie van de luidspreker. Dit verklaart een groot deel van het warme klankkarakter van de versterker. De ingangsgevoeligheid voor vol uitgangsvermogen bedraagt 810 mV, dus de meeste audio apparatuur kan deze eindversterker gemakkelijk uitsturen. De openlus versterking (A-unloaded) gaat vooral in het vergelijk met de volgende versterkers een grote rol spelen.

Volgende keer: versterker 11