Versterker 16: Triode Balansversterker met kathode tegenkoppeling

In versterker 16 is door de triode schakelwijze (schermroosters naar anodes) de helft van het vermogen van de eindbuizen beschikbaar. De kathodes zijn op de secundaire wikkeling aangesloten. Dat levert nog eens extra locale tegenkoppeling op. Klik hier om de specificaties van deze versterker te laden.

Het geluidsbeeld is ongelooflijk schoon en detailrijk. Opnieuw is dit een high end versterker van allure, maar er is iets mee aan de hand: hij is saai. Er is niks op aan te merken, maar de versterker leeft niet, hij ademt niet, hij verveelt en betrekt je niet bij de muziek. Het is net alsof we met de toegenomen lokale tegenkoppeling een zekere grens zijn gepasseerd, alsof er teveel is tegengekoppeld, alsof er teveel wordt gecontroleerd. Aan de hand van een verhaal kan ik duidelijk maken wat er dan gebeurt.
Lang geleden, in de tijd dat er nog geen buizenversterkers waren, was er een kleine man met een kleine stem. Hij wilde zijn ideeën over de hele wereld uitdragen. Om dat te bereiken nam hij een grote vent in dienst, met machtig grote longen en een heel grote mond die ontzettend veel lawaai kon voortbrengen. Met zijn tweeën gingen ze op weg, de wereld rond, om het evangelie van de kleine man uit te dragen. Onderweg bespraken ze dat evangelie en als ze dan in een stadje kwamen, brulde de grote man als een echte versterker de boodschap uit, terwijl de kleine man er tevreden naast stond. Iedereen kon zo de boodschap horen en vele volgelingen waren het resultaat. Na enige jaren raakten de kleine man en zijn versterker wat geïrriteerd, ze waren voortdurend in elkaars gezelschap. De kleine man raakte ontevreden over de manier waarop die ruwe bolster zijn subtiele evangelie uitdroeg. Hij besloot om de grote vent in detail te controleren, ieder spiertje van de grote mond nam hij onder zijn beheer, inclusief de ademhaling. De grote vent deed nu precies zoals hij wilde en toen ze bij het volgende stadje aankwamen was de kleine man super gespannen of de mensen zijn evangelie nu beter zouden begrijpen. Het resultaat? Die dag kwamen er geen nieuwe volgelingen bij, niemand luisterde, het was onrustig en de mensen begonnen te klieren en zelfs met rotte eieren te gooien. De moraal van dit verhaal is dat bij een te grote controle het eigen karakter van de versterker ondersneeuwt en dat daardoor de weergave saai wordt.
Aan deze benadering kleven natuurlijk bezwaren, maar toch vind ik dat de essentie van de problematiek van teveel tegenkoppeling goed wordt verwoord. Er is dus ergens een balans tussen de eigen levendigheid met fouten van een versterker en de mate van correctie van die fouten. Teveel correctie kan het geluidsbeeld saai maken. Vergelijken we nu versterkers 10 tot en met 16 met elkaar, dan is naar mijn mening de balans tussen controle en levendige weergave optimaal bij versterker 15.



Volgende keer: versterker 17